Achter de schermen van Westerholm

Zorg is mensenwerk. Op onze website leest u dan ook vooral over onze zorgmedewerkers en onze bewoners. Dat daarnaast nog vele anderen direct of indirect bij onze organisatie zijn betrokken, is vaak minder bekend. Toch vormen zij een belangrijke schakel in onze dagelijkse praktijk. Het zijn de mensen die op de een of andere manier iets aan onze organisatie bijdragen van achter de coulissen.  Niet zozeer op de voorgrond dus, maar voor Westerholm en haar bewoners wel degelijk van groot belang. In deze rubriek laten we u graag kennismaken met de mensen achter de schermen.

Een kijkje in de eigen keuken

Al vroeg in de ochtend is het een drukte van belang. Aan het gerammel van potten en pannen is te horen dat het werk in de keuken al in volle gang is. Het keukenteam is druk in de weer met de voorbereidingen van de hoofdmaaltijd van de dag. Vandaag onder andere een entree van uiensoep, als hoofdgerecht een rundersaucijs met tuinbonen en aardappelpuree en yoghurt als dessert. Maar ook de broodkar moet natuurlijk al op tijd worden gevuld en rondgereden.

Hoe wordt dit toch elke dag weer georganiseerd? We praten met Inez Timmer, kok in de eigen keuken van Westerholm in Haren, over het reilen en zeilen in de keuken en de plannen voor de toekomst.

Hoeveel mensen werken in de keuken en wat doen zij?
We werken met een vast team van acht medewerkers. Daarnaast hebben we nog zes mensen die we flexibel in kunnen zetten. Dat is overigens inclusief vakantie- en weekendkrachten. Van 7.30 tot 16.00 uur zijn we actief en op twee momenten van de dag verzorgt ons keukenteam 365 dagen per jaar de maaltijden voor de bewoners en clienten van Westerholm.

We rouleren de taken onderling, zodat iedereen snapt wat het totale werk inhoudt en we elkaar kunnen vervangen. Ons werk bestaat uit: het maken van dienstroosters, puzzelen met de tijden wie doet wat wanneer, het doen van bestellingen en het checken van de voorraden, koken, broodmaaltijden en warme maaltijden rondbrengen zowel binnen als in de wijk, koffie en thee serveren, de tafel dekken, deelnemen aan de menucommissie, werkoverleg voeren, administratieve werkzaamheden, het uitprinten van de menu’s en paas- en kerstmenu’s samenstellen. En dat is nog maar een greep uit een groot scala aan werkzaamheden.

Wie bepaalt wat er op het menu komt te staan?
We hebben een menucommissie die voorafgaand aan een nieuwe cyclus bij elkaar komt. Deze commissie bestaat uit een vertegenwoordiger uit de wijk en twee bewoners van Westerholm en Rikkers-Lubbers en ik als kok. Tijdens de vergaderingen wordt besloten hoe de drie jaarlijkse menu’s worden samengesteld. Wel of niet een sausje bij de bloemkool of toch jus en is de afwisseling tussen warme en koude gerechten wel in balans? We bedenken gerechten en bespreken voorstellen die door bewoners zijn gedaan. Uiteraard kunnen onze bewoners en cliënten in de wijk naast het dagmenu aangeven of zij een dieet hebben of een bepaalde manier van bereiding willen waar we dan tijdens het opscheppen rekening mee houden. De cliëntenraad maakt zich daarnaast nog hard voor de voedingswaarde van producten en tussendoortjes zoals een zoute haring en een bij het ontbijt gekookt eitje.

Hoe zie jij de toekomst van de keuken?
We bevinden ons middenin allerlei ontwikkelingen en hebben de volgende ideeën voor de toekomst:

Meals on wheels
In Rikkers-Lubbers scheppen we de maaltijd bij het appartement op het eigen servies van de bewoner op. Dat werkt heel goed. Tijdens een smaakbeoordeling drie jaar geleden werden
de maaltijden daar beter beoordeeld dan in Westerholm. De beleving is namelijk toch anders als je het bij de deur krijgt opgeschept en niet op een dienblad krijgt aangereikt. Ook voor Westerholm is dit de wens. Dit zou betekenen dat men ook daar vooraf geen menukeuze meer hoeft in te vullen op een lijst. Het is toch veel klantvriendelijker als je ‘aan huis’ kunt aangeven waar je behoefte aan hebt.

Wat betreft het bezorgen van maaltijden in de wijk, daar ligt de ambitie dat onze cliënten het menu digitaal kunnen invullen. Dat gebeurt nu nog handmatig. Maar steeds meer ouderen raken eraan gewend om met een tablet of computer te werken.

Samen eten
We zien een toenemende behoefte in het met elkaar eten in de recreatiezaal. De groep die nu gezamenlijk eet, wordt namelijk steeds groter. Het is toch gezelliger dan alleen op het appartement eten. Onze zorgassistenten onderstrepen daarnaast steeds vaker het belang van het nuttigen van de gezamenlijke maaltijd om ondervoeding en eenzaamheid te voorkomen.

Van koken tot opruimen
Sinds januari van dit jaar brengt de keuken zelf het eten rond. Eerst werd dat door de zorgmedewerkers gedaan, maar dan heb je toch minder zicht op wat de mensen ervan vinden en of ze de maaltijd wel of niet hebben opgegeten. Het afruimen gaan we binnenkort ook zelf doen, dan hebben we hele cirkel te pakken van koken tot opdienen tot afruimen. Onze keukenmedewerkers die de maaltijden nu rondbrengen kennen alle bewoners, maken even een praatje en luisteren naar de verschillende behoeften. Dan hoor je meteen ook meer over wat men van het eten vindt.

Beleving
Verder willen we meer doen aan het beleven van voedsel. Bijvoorbeeld door het organiseren van een wijnproeverij, aardappelproeverij, high tea, het organiseren van kookworkshops met onder andere mosselen koken en bonbons maken.

Hoe houden jullie als keukenteam de ontwikkelingen bij op het gebied van voeding?
Onlangs spijkerde ik mezelf nog bij met een workshop over hygiëne voor de voedingszorg in woonvormen. Dit werd door ‘Waardigheid en Trots’ (W en T) georganiseerd. (Red. W en T is een programma van de overheid dat als startpunt fungeert om de ouderenzorg in Nederland te verbeteren.) Omdat we de huiselijke maat graag aanhouden in de huiskamers en onze bewoners daar zelf uit schalen het eten kunnen opscheppen, is het altijd belangrijk dat we een goede hygiëne hanteren.

Verder gaan we onze keukenassistenten trainen tot voedingsassistenten. Zij kunnen dan meer advies geven over het belang van voeding en eventuele ondervoeding tegengaan.

Bovenstaande ambities zullen we in de praktijk moeten ervaren en het plan is dan ook bij andere huizen te kijken hoe ze het daar doen. Verder praten we met mensen in de omgeving en vragen we feedback van onze bewoners en cliënten in klanttevredenheidsonderzoeken, zodat we zoveel mogelijk kunnen ingaan op hun wensen en we op maat onze diensten kunnen verlenen.

'Een menucommissie bepaald iedere seizoen wat op het menu komt te staan'

'We zien steeds vaker het belang van het nuttigen van de gezamenlijke maaltijd'

Het eerste contact

Al jaren is ze een bekend gezicht voor bewoners en cliënten in de wijk. Ze is er immers al langere tijd werkzaam. Na een tussenpauze van bijna 20 jaar is ze rond haar vijftigste opnieuw in dienst gekomen bij Westerholm. Roelien van de Pol is niet iemand die snel terugkeert naar het oude, maar wilde graag weer in de zorg werken en de toenmalige directeur had ruime belangstelling voor haar terugkomst. Inmiddels is Roelien weer zo’n 10 jaar aan boord bij het zorgcentrum in Haren en heeft ze in deze periode verschillende functies gehad. Recent is haar gevraagd een nieuwe uitdaging aan te gaan als woon-zorgconsulent. In deze functie houdt zij zich voornamelijk bezig met het begeleiden van nieuwe bewoners, vanaf de oriënterende fase tot en met hun verhuizing naar ons zorgcentrum in Haren of Groningen.

Waar bestaat jouw nieuwe rol uit?
Ik begeleid mensen die belangstelling tonen voor een appartement bij Westerholm. Meestal wordt deze belangstelling ingegeven door een grotere zorgbehoefte. In hoofdlijnen zijn daarbij twee groepen belangstellenden. De eerste groep betreft mensen die niet langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en op korte termijn moeten verhuizen. De tweede groep belangstellenden wil zelfstandig in een appartement komen wonen en daarbij zorg afnemen wanneer dat nodig is. Voor beide groepen treed ik op als contactpersoon en denk ik mee over oplossingen voor de individuele woon- en zorgbehoefte.

Waar begint jouw bemiddeling en waar eindigt deze?
Die begint bij de eerste vraag over wonen bij Westerholm tot en met de datum van de afgesproken verhuizing. Je zou kunnen zeggen: bij de sleuteloverdracht nemen onze zorgmedewerkers het over. Maar zo strikt verloopt dat in de praktijk niet altijd. In een kleinschalige organisatie als de onze is de scheidslijn soms moeilijk te trekken en ben ik na de verhuizing hier naartoe ook nog weleens actief betrokken bij het welzijn van bewoners.

Voor mensen die zelf de keuze hebben gemaakt bij ons in een appartement te komen wonen, is de overstap vaak wat makkelijker. Zij hebben er al veel over gelezen en gesproken, zijn daardoor goed voorbereid en hebben hun verhuizing van tevoren uitgebreid kunnen overdenken. Voor de mensen die bijvoorbeeld na verblijf in een ziekenhuis of revalidatiecentrum een acute zorgbehoefte hebben, is dat weleens anders. Er komt in korte tijd veel op hen af en men heeft dan behoefte aan adequate begeleiding. Het is vooral in die gevallen van belang goed contact te hebben met familieleden.

Hoe vinden belangstellenden hun weg naar Westerholm?
Mensen zoeken in eerste instantie vaak op internet naar informatie of men heeft via bekenden gehoord over ons zorgcentrum. Daarna meldt men zich vaak bij de receptie met een gerichte vraag. Ik neem dan contact met hen op om de mogelijkheden vrijblijvend te bespreken. Het gaat er hierbij vooral om mee te denken, te adviseren en rust te bieden. Zo’n verhuizing kan namelijk best een ingrijpende gebeurtenis zijn. Het is dan ook logisch dat er belangstellenden en hun familie daar vragen over hebben. Soms leven er ook onterechte aannames. Vooral als het gaat om regelgeving rondom seniorenzorg blijkt de informatie die op het internet is te vinden niet altijd correct of volledig te zijn. En soms strookt de algemene beeldvorming over wonen in ons zorgcentrum niet altijd met hoe het in werkelijkheid is. Het gaat er dan vooral om rust en duidelijkheid te bieden. De volgende stap is dat belangstellenden en familieleden naar een appartement komen kijken om zelf te ervaren hoe het hier bij ons is.

Welke misverstanden kom je weleens tegen?
Ik moet soms het beeld wegnemen dat het bij ons gaat om ‘woongroepen voor mensen met een zware zorgindicatie’. Ik leg dan uit dat je bij ons kunt komen wonen met zorg in diverse gradaties en we ook ruimte bieden voor mensen die alleen een veilige plek willen om te wonen. Al onze bewoners beschikken over een eigen appartement met een eigen voordeur, waarbij we de privacy respecteren. We komen als medewerkers bijvoorbeeld niet zomaar binnenvallen, maar bellen altijd eerst aan. Onze nieuwste appartementen zijn zelfs zo ingericht dat wonen en zorg gescheiden worden aangeboden en men hier ook kan wonen met minimaal gebruik van onze zorgdiensten.

Wat helpt toekomstige bewoners over de streep?
We beseffen dat Westerholm in veel gevallen de laatste plek is voor de bewoners en dat het thuisgevoel daarbij belangrijk is. Vaak is men al blij een plekje te hebben gevonden waar men zich veilig kan voelen, bij voorkeur dichtbij familie. Anders dan bij grotere zorginstellingen vindt men hier doorgaans een bepaalde rust. Het is hier wat minder ‘tehuisachtig’ en we bieden een warme omgeving vanuit een kleinschalig zorgcentrum. Men vindt het hier huiselijk en er heerst een gemoedelijke sfeer. Daarnaast stellen bewoners de persoonlijke contacten onderling en met de medewerkers op prijs.

Maar het staat of valt vaak met de eerste indruk die men van ons zorgcentrum heeft. De allereerste keer dat men bij ons binnenkomt, is daarbij van groot belang. Als je het vertrouwen dan hebt gewonnen, is er een goede basis gelegd. En gaat er onverhoopt later nog iets mis, dan kan dat er doorgaans wel tegen.

Welke persoonlijke kwaliteiten pas je toe in jouw nieuwe rol?
Ik heb ruime ervaring in de zorg en het reilen en zeilen binnen Westerholm. Ik weet waar ik het over heb, omdat ik me zorgvuldig verdiep in wat er speelt in de zorg voor senioren en ik dat duidelijk kan uitleggen. Ik houd het plaatselijke nieuws in de gaten en volg de sociale media op ontwikkelingen in de zorg. Verder weet ik eventuele onwaarheden te ontzenuwen die de ronde doen op de diverse digitale fora. Ik zeg dan altijd: ‘We gaan kijken hoe het echt zit en wat er wel mogelijk is.’

Welke uitdagingen liggen er voor jou op korte termijn?
Ik begin langzaamaan mijn weg te vinden in mijn nieuwe rol. En tegelijkertijd moet ik daar ook al volop in acteren en bijvoorbeeld aan de buitenwereld kunnen uitleggen wat ik bij Westerholm doe. Dat is soms nog wel een zoektocht voor me. Daarnaast is het belangrijk dat wij in onze dienstverlening nakomen wat wij beloven. Ik moet er goed op toezien dat we daar de juiste opvolging aan geven. Wanneer iemand net in ons zorgcentrum is komen wonen, wil ik nog actiever evalueren of dat volgens de verwachtingen van de cliënt is gegaan. Ook wil ik me de komende tijd meer naar buiten toe inzetten als afgevaardigde van Westerholm. Ik zal hierin mijn nieuwe rol meer op de kaart gaan zetten en meer aan promotie doen.

Mijn collega’s wil ik graag ook meer betrekken bij de kennismakingsgesprekken, zodat zij een actieve rol kunnen hebben in het verwelkomen en thuis laten voelen van onze toekomstige bewoners.

'Het gaat er vooral om mee te denken, te adviseren en rust te bieden'

'Soms strookt de algemene beeldvorming over wonen in ons zorgcentrum niet altijd met hoe het in werkelijkheid is'

‘We gaan kijken hoe het echt zit en wat er wel mogelijk is’

De cliëntenraad

Als cliënt van Westerholm Seniorenzorg in de wijk ontvangt Erna Poutsma-Smilde in 2009 voor het eerst een brief waarin wordt opgeroepen deel te nemen aan de cliëntenraad van het zorgcentrum. “Het werk voor de cliëntenraad sprak me wel aan, maar op dat moment voelde ik er niet veel voor om allerlei werk naar me toe te trekken”. Het jaar daarop valt eenzelfde brief op de deurmat, waarin opnieuw wordt gevraagd of cliënten in de wijk willen participeren in de cliëntenraad. Deze herhaalde oproep is het duwtje in de rug. Erna pakt de telefoon en laat zich over de hoeveelheid werk geruststellen door toenmalige voorzitter, met de woorden: “We komen maar zes keer per jaar bij elkaar en echt veel werk is het niet hoor. Deze voorstelling van zaken blijkt al direct anders uit te pakken, wanneer zij kort daarop in de raad zitting neemt. “Als jij zulke goede aantekeningen maakt, benoem ik je hierbij tot secretaris”, deelde de voorzitter al direct na de eerste vergadering mede. De verwachting van een rustige nevenfunctie moet dan ook al snel worden bijgesteld.

Adviserend en signalerend
Dat het werk in de jaren daarna alleen maar zou toenemen, kon mevrouw Poutsma op dat moment nog niet bevroeden. De ontwikkelingen in de zorg hebben namelijk ook invloed op het werk van de cliëntenraad. Er wordt inmiddels een zeer actieve rol verwacht, waarbij de raad een adviserende en signalerende functie heeft en waarin diverse actuele beleidsvraagstukken over het reilen en zeilen van de organisatie hoog op de agenda staan. Om hier adequaat in te kunnen participeren moet de cliëntenraad over ‘van alles en nog wat’ op de hoogte zijn. Een veranderende wet- en regelgeving op het gebied van ouderenzorg maakt dat de leden zich regelmatig in moeten lezen in vraagstukken die de belangen van bewoners en cliënten in de wijk van Westerholm kunnen raken.

Actief en breed georiënteerd
De raad heeft zich in de afgelopen jaren ontwikkeld tot een team van actieve leden met diverse achtergronden en expertises. Zo bestaat deze vertegenwoordiging onder andere uit een gepensioneerd bedrijfsjurist, een oud-verpleegkundige met een psychogeriatrische achtergrond en heeft mevrouw Poutsma zelf een medisch-secretariële achtergrond en facilitaire ervaring in de hotelzorg opgedaan.

Adequaat en praktisch
De raad heeft een zogenoemd adviesrecht, waarbij de leden de bestuurder over diverse onderwerpen kunnen adviseren. Denk hierbij aan onderwerpen als veiligheid, gezondheid en hygiëne. Maar ook onderwerpen als recreatiemogelijkheden en geestelijke verzorging worden besproken. Dit vertaalt zich naar praktische aandachtspunten. Bijvoorbeeld wanneer wij het idee hebben dat bewoners en cliënten onvoldoende zijn geïnformeerd over een bepaald onderwerp, dan pakken wij dat als raad op en zorgen wij ervoor dat deze informatie ook in ons huisorgaan ‘Het Heden’ komt te staan. Recent speelt bijvoorbeeld de aandacht rond de verbouwing en de manier waarop daarover straks kan worden gecommuniceerd.

Oren en ogen van de organisatie
De raad heeft een brugfunctie tussen bewoners en cliënten enerzijds en de raad van bestuur van Westerholm anderzijds. “Als cliëntenraad staan we wat dichterbij de cliënten dan de bestuurder. Wij adviseren of iets zinvol is vanuit een praktisch oogpunt. Wij zijn in contact met wat er in de praktijk gebeurt en hoe bewoners en cliënten dat ervaren of op een of andere manier anders voorstaan. Wij zien elkaar regelmatig bij de koffie en hebben zo een goed beeld van wat er bij bewoners en cliënten speelt.”

“Het wel en wee van Westerholm gaat ons aan en daarmee hebben wij ook een actieve rol in het voortbestaan van de organisatie. We zijn geen klachtencommissie. Maar wanneer iets een volledig algemene klacht betreft, menen wij als raad dit wel bespreekbaar te moeten maken.”

Verbeterpunten
Voor de raad zelf ziet mevrouw Poutsma ook enige verbeterpunten. Het werk van de cliëntenraad is door de jaren heen complexer geworden. Er is dan ook behoefte aan jongere mensen die zich vanuit een bepaald vakgebied actief willen inzetten voor de cliënten en bewoners van Westerholm. “We zijn een leuke club en we hebben onderling fijn contact.  Al kan de digitale uitwisseling van informatie nog altijd beter.”

De cliëntenraad komt ook op voor de belangen van de cliënten die dat vaak zelf niet kunnen. “Een deel van de bewoners en cliënten heeft te maken met psychogeriatrische problematiek en neemt niet regelmatig deel aan gezamenlijke activiteiten zoals koffiedrinken met elkaar. Hun fysieke conditie laat het bovendien vaak niet toe om zelf actief te participeren in een orgaan als de cliëntenraad. Wij nodigen dan ook graag de familie uit om aan de cliëntenraad deel te nemen, zodat de stem van deze bewoners ook voldoende wordt gehoord.”

Bevlogen en betrokken
“Ik doe dit werk vanuit een sociale betrokkenheid die me, zowel door mijn ouders als mijn man, met de paplepel is ingeven. Ik heb hierdoor veel contacten met diverse mensen en houd er waardevolle vriendschappen aan over.” Dat het werk in de cliëntenraad achteraf bezien toch meer met zich meebrengt dan aanvankelijk gedacht, is voor de bevlogen secretaris geen enkel probleem. “Ik wil ook graag iets doen dat me bezighoudt. Je zou kunnen zeggen: je hersens gebruiken is goede gymnastiek. Ik kan toch niet maar altijd schilderen en boeken lezen.”

“Ik doe dit werk vanuit een sociale betrokkenheid."

“Wij zijn een leuke club en we hebben onderling fijn contact.”

“Het wel en wee van Westerholm gaat ons aan.”